Up-and-down in de score zone

door 6 oktober 2020

Binnen de 100 meter van de vlag zit je in de score zone. Als de bal fatsoenlijk ligt, moet het doel zijn om uit te holen in twee, maximaal drie, slagen. Goed kort spel is de snelste weg naar lagere scores. Met deze tips maak je sneller een up-and-down van vijf cruciale afstanden.

100 meter – Finish beide kanten

Een tourspeler slaat de bal van deze afstand gemiddeld binnen 6 meter van de vlag. Clubgolfers lukt dat zelden, omdat ze meestal niet genoeg club nemen en vervolgens een te wilde swing maken. Om de green vaker te vinden, neem je een club waarmee je probleemloos 100 meter slaat en maak je een lange ritmische swing. Zorg dat je de backswing goed afmaakt en eindig met een volledige finish. Kort en snel is nooit consistent.

50 meter – Blijven draaien

Het slaan van een halve wedge resulteert bij veel golfers in slecht balcontact of te weinig afstand. Meestal zijn we bang om de bal te ver slaan, dus maken we een zwakke handenswing, waarbij het lichaam nauwelijks roteert. Bij deze slag moet het lichaam meedraaien. Het uiteinde van de grip moet naar de gesp van je riem blijven wijzen, zowel in de backswing als na impact. Dit zorgt voor een goede draai en solide balcontact.

30 meter – Sla zand op de green

Als je moeite hebt om uit de greenside bunker te komen, of de bal altijd ruim voor de hole stopt, komt dit waarschijnlijk omdat je swing niet lang genoeg is. Vergeet niet dat het zand de bal beweegt. Om de bal bij de hole te krijgen, moet je het zand onder de bal dus op de green slaan. Dit vraagt om een langere swing dan je zou verwachten bij een slag naar de green. Als je focust op het slaan van het zand in plaats van de bal, heb je minder de neiging om bij impact te vertragen en heb je een grotere kans dat de bal bij de hole komt.

10 meter – Voel het in je handen

Om consistent te leren chippen, vooral van kale liggingen, moet je focussen op de grip in plaats van het clubhoofd. Voel wat je handen doen als je de bal goed raakt. Zo moet de rechterpols geknikt blijven, zodat de grip tijdens de hele slag vóór het clubhoofd blijft. Om deze positie in te laten slijpen, oefen je het maken van chips met alleen je rechterhand, eventueel met een golfbal tussen de grip en je pols geklemd.

5 meter – Kijk naar de laatste meter

Loop bij iets langere putts, of zelfs putts van 15 of 20 meter naar de hole en kijk goed naar de laatste meter. Hier zal de break de meeste invloed hebben, omdat de slope van de green en de vleug van het gras de bal vooral beïnvloeden als de snelheid afneemt. De bal heeft niet tijdens de hele putt dezelfde snelheid, dus probeer je voor te stellen wat er gebeurt als die langzamer gaat rollen. En neem vervolgens deze extra break mee in het lezen van de totale lijn.

Wij als pro’s van HGC ‘Overbrug’ zijn bezig om op de oefenfaciliteiten wat meer kort spel situaties uit te zetten, zodat we de tips van dit artikel kunnen gaan beoefenen en toepassen.

Vanaf 1 oktober is het weer mogelijk om een winteractie lespakket af te nemen van 10 lessen halen en maar 8 betalen. Opgeven kan bij Antoine of Arthur. Tevens gaan we weer beginnen met thema lessen/inlooplessen/groepslessen via een papieren agenda die in de hal van het clubhuis komt te liggen. Kosten voor een les zijn € 10,=, contant te voldoen voor de les begint aan de lesgevende pro. Je mag zoveel lessen inschrijven als je zelf wilt.

We gaan er weer een actieve winter van maken …

Met swingende groet,
Antoine en Arthur

Sponsoren

  • GW Leidingtechniek
  • Engelbert Obers
  • Pete Norman
  • Rijn Schellekens
  • Bart Spoormakers
  • Frans van den Heuvel

Pin It on Pinterest

Share This